Veelgestelde vragenOnderstaande vragen worden regelmatig aan de medewerkers van CtC gesteld. 1. Er zijn zoveel projecten en programma’s in de wijk. We doen alles al. Wat gaat CtC daaraan toevoegen?CtC is geen nieuw preventief programma maar een preventieve strategie. Het biedt structuur en is een paraplu waaronder alle preventieprogramma’s in stad of wijk vallen. CtC als sturingsinstrument geeft aan wat de problemen zijn en waarop moet worden geďntervenieerd, biedt inzicht in welke programma’s er zijn en waarom en hoe er door de instellingen gericht kan worden samengewerkt. 2. Hoe kan een gemeente starten met CtC? Welke wijk komt het meeste in aanmerking voor de invoering van CtC?Verschillende soorten wijken kunnen met CtC werken: van wijken die met probleemgedrag van jeugdigen te maken hebben tot wijken die weinig probleemgedrag ervaren en dat ook zo willen houden. Steden kunnen zelf wijken aandragen. De keus voor een wijk kan ook plaatsvinden op grond van een stadsbreed scholierenonderzoek waarin wijken met elkaar worden vergeleken. NIZW Jeugd kan gemeenten begeleiden en coachen in het starten van CtC. 3. Wat kost de invoering van CtC? En wie zal dat betalen? Een gemeente die met CtC gaat werken stelt in de CtC-wijk een projectleider aan, die begeleid wordt door een CtC-coach®. In de wijk worden vier CtC-trainingen gegeven en een CtC-scholierenonderzoek uitgezet. CtC-gemeenten betalen éénmalig licentiekosten. In de experimentele fase heeft de landelijke overheid CtC gefinancierd. Op dit moment trekken diverse gemeenten en de provincie Zuid-Holland geld uit voor het uitzetten van CtC. 4. Er zijn al veel overleggen in de wijk en daar komt CtC nog bij met een stuurgroep en een preventieteam. Is dat niet te veel van het goede?CtC geeft sturing aan het werk dat al in een wijk gebeurt. Als een wijk met CtC gaat werken kan CtC in de al bestaande structuren worden ingeschoven. CtC geeft het preventief jeugdbeleid helderheid. 5. Er wordt zowel nationaal als internationaal met CtC gewerkt. Wat zijn de resultaten?CtC wordt uitgevoerd in de Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk, Australië, Canada, Nederland en de Nederlandse Antillen. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat met CtC de samenwerking tussen verschillen partijen wordt verbeterd. Prioriteiten worden op grond van cijfers beter en gefundeerd gesteld. De inzet van effectieve programma’s, het bereik en de resultaten van de inzet van programma’s nemen toe. De eerste positieve effecten bij het terugdringen van probleemgedragingen bij jongeren, zoals jeugddelinquentie zijn nu zichtbaar. 6. Er liggen al veel onderzoeksresultaten over jeugd. Wat is de meerwaarde van het CtC-scholierenonderzoek?Het CtC-scholierenonderzoek is meer dan alleen maar cijfers over de jeugd. Wijken krijgen de mogelijkheid om met de onderzoeksresultaten aan het werk te gaan. De hoogste risico’s in een wijk worden bepaald. Op grond van die hoogste risico’s kan er verantwoord een keuze gemaakt worden voor de inzet van de beste programma’s op het gebied van preventie. Het CtC-scholierenonderzoek is specifiek voor CtC ontwikkeld en sluit aan bij de wetenschappelijke onderbouwing van CtC. Op dit moment worden de mogelijkheden onderzocht om het CtC-scholierenonderzoek aan te laten sluiten bij de Landelijke Jeugdmonitor van de GGD. 7. Kunnen bij de invoering van CtC alleen programma’s uit de gids Veelbelovend en effectief ingevoerd worden? Wat gebeurt er met andere programma’s en activiteiten? CtC wil het gebruik van veelbelovende en effectieve programma’s stimuleren. De beschikbare programma’s zijn samengebracht in de CtC-gids Veelbelovend en effectief. In deze gids zijn programma’s getoetst aan vastgestelde criteria. Van programma’s die niet in de gids staan wordt verwacht dat ze er alles aan doen om de kwaliteit te garanderen. Voor deze programma´s is Veelbelovend en effectief een stimulans. 8. Hoe past CtC binnen het hedendaagse beleid?CtC wordt in opdracht van de ministeries van Justitie en VWS in Nederland ingevoerd. Het heeft onder andere een plek in de nota Jeugd Terecht (www.justitie.nl). De laatste tien jaar heeft preventie meer aandacht. De overheid zoekt naar effectieve programma’s en wil het gebruik van effectieve programma´s op lokaal niveau stimuleren. Hierbij kan de strategie CtC goed worden gebruikt. Tegelijkertijd zien wij dat het lokale beleid (jeugd, welzijn, preventie) belangrijker wordt. Steden krijgen meer te vertellen over waar ze middelen op inzetten (zie bijvoorbeeld veranderingen in het kader van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning). Hier sluit CtC als sturingsinstrument heel goed aan. 9. Hoe wetenschappelijk is CtC eigenlijk?De relatie tussen de risicofactoren/beschermende factoren en verschillende probleemgedragingen is wetenschappelijk onderbouwd. Meerdere longitudinale onderzoeken, uitgevoerd in meerdere landen (waaronder Amerika, Canada, Australië en Europa) tonen deze relaties aan. Niet alleen het onderzoek kent een wetenschappelijke onderbouwing. Ook de inzet van effectieve programma’s in CtC kader is gebaseerd op programma’s die wetenschappelijk bewezen effecten opleveren. Tot slot wordt de invoering van CtC (implementatie) wetenschappelijk onderzocht. 10. Hoe kan het verantwoord worden dat CtC op de lange termijn resultaten gaat opleveren?CtC werkt met de inzet van effectieve programma’s die op de korte termijn resultaten opleveren. Door goede preventieve programma’s steeds op de juiste manier uit te voeren gaan op termijn de risicofactoren afnemen en de beschermende factoren toenemen. CtC is investeren in een nieuwe generatie kinderen die gedurende hun jeugd positief benaderd worden zodat zij zich in hun adolescentie (de lange termijn) meer onthouden van probleemgedrag.
|
||||||||||||